‘Monogamie is zo burgerlijk’ | Arend uit Westerhoven

Nu kan ik het mij niet meer voorstellen, maar ooit heb ik een monogame relatie gehad. Dat wil zeggen: de afspraak met Beer was dat we elkaar vleselijk trouw zouden zijn. Ik was verbaasd dat hij dat volhield, dat hij daar vierkant achter bleef staan. We waren immers jong en aantrekkelijk. Ik heb na twee jaar mijn beperking met hem gedeeld en heb daarmee de relatie in één klap verwoest. Ik móest hem vertellen op wat voor manier ik van hem hield.

Redactie: Rits de Wit
Illustratie: Wilbert van der Steen

Beer heet tegenwoordig Maud. Ze is een stabiele, betrouwbare vriendin. Ik ben dol op haar. In de tijd dat ook zij man was – of beter: in een mannelijk lichaam door het leven ging – en wij een relatie hadden, tientallen jaren geleden, was er veel minder begrip tussen ons. Logisch: de verwachtingen waren hoger, torenhoog zelfs, en dan ligt teleurstelling op de loer. Beer wilde monogamie. Hij was meerdere malen besodemieterd in zijn prille leven, nu wenste hij helderheid en exclusiviteit. Omdat ik hem de meest aantrekkelijke knul ever vond ging ik gretig akkoord, zelfs al vond ik monogamie nogal burgerlijk en had ik zelfs ooit een presentatie gehouden op de middelbare school over de tegennatuurlijkheid van het huwelijk, en de seksuele exclusiviteit in het bijzonder. Ik kon me echter op het moment dat Beer om mijn seksuele trouwbelofte vroeg niet voorstellen ooit nog een ander heviger te begeren dan hem. Maar zoals de naïviteit der jeugd verdween, verdween ook langzamerhand de begeerte voor deze jongen, aan wiens schoonheid ik wende, wiens aanraking vanzelfsprekend werd, wiens vraag om aandacht soms ronduit beklemmend ging voelen. Tegenwoordig weet ik dat dat het moment is van mogelijkheden, van werk aan de winkel; de fase waarin je elkaar echt leert kennen en de liefde een kans krijgt als je je daar actief voor openstelt. Wist ik veel, toen. We waren dwazen.

“Ik zag de mooiste mannen naar me loeren”

Bastognekoeken

Het vlees lonkte overal. Ik volgde een sociale studie aan de Hogeschool met veel meisjes die – het leek haast afgesproken werk – om de beurt verliefd op me werden. Ik flirtte wel eens terug, kuste soms een blozende bakvissenmond. Ik vertelde het Beer, van de meisjes, hij lachte erom en zei het te herkennen van zijn werk. Op straat zag ik de mooiste mannen naar me loeren, kreeg briefjes met telefoonnummers en mondelinge uitnodigingen ‘iets te komen drinken’. Ik vertelde het aan Beer, die daar steeds vaker geprikkeld op reageerde. Dat vond ik stom. Ik was hem immers trouw. Mijn verbazing groeide

Als ik in de spiegel keek zag ik een langwerpige, bleke gestalte met een zwarte bos slordig haar, een lange neus en diepliggende ogen; een bonenstaak in altijd te wijde, maar veel te korte kleren en een paar idiote versleten cowboylaarzen. Keek ik niet naar mijn spiegelbeeld, dan zag ik een wereld waarin ik kennelijk een grote aantrekkingskracht had op anderen, een kracht die altijd tegengewerkt moest worden. Hoe meer afstand ik trachtte te bewaren – ik had het Beer immers beloofd – hoe onvermijdelijker het verbodene zich aandiende. Hij heette Jaap, de eerste jongen die mijn standvastigheid brak. Voor hij me besprong in het toilet van V&D stelde hij zich netjes voor en zei hij met geloken ogen dat hij me verschrikkelijk knap vond. Jaap rook naar patchoeli en smaakte naar Bastognekoeken, we zoenden onstuimig en trokken onhandig aan elkaars broek tot die op de knieën hing. Opeens, weet ik nog, zat mijn hand vol met zijn zaad en wist ik me geen raad; de rol wc-papier lag op de vloer in een plas pis of water. Jaap moest verschrikkelijk lachen toen ik met mijn broek omlaag het hokje verliet om mijn handen te gaan wassen.

Vanaf die dag ging ik los en het kon me niks meer schelen. Ik zweeg tegen Beer. Terwijl ik geen enkele remming meer had. Gretig ontdekte ik een breed spectrum aan intieme en seksuele mogelijkheden, voelde me soms een hoer of een bedrieger, maar over het algemeen knapte ik ervan op als ik me volledig liet gaan, ik moest het leven vieren, braaf zijn kon altijd nog!

“Soms voelde ik me een hoer en bedrieger”

Pashok

Het was ene René (of Reinier?) die me – nadat hij me onbesuisd had afgetrokken en gevingerd in een nauwelijks afsluitbaar pashok van Mac&Maggie – toefluisterde dat hij mij en Beer vaak samen zag bij Appie Heijn. Hij kende Beer goed, had bij hem op de kleuterschool gezeten en had bovendien onlangs nog een project met hem gedaan. Mijn blik viel op mijn kwak op de spiegel en ik walgde. Op weg naar huis kreeg ik Beer niet meer van mijn netvlies. Ik zag overal stelletjes en wist zeker dat ze elkaar vanavond nog zouden bedriegen. Plotseling werd ik bang. Ik verlangde naar Beer, naar samen spaghetti koken in zijn studiootje, naar samen douchen, samen slapen onder zijn Disney-prinsessendekbed en de wereld buitensluiten.

De dagen daarna ging de angst over, maar ik herinner het me toch als de start van een ommekeer: ik realiseerde me dat ik risico’s liep, Beer zou kunnen worden geïnformeerd door god-weet-wie, ik moest hem inlichten. Bovendien voelde ik me schuldig. Een ogenblik vroeg ik me af of Beer mij wel trouw zou zijn, maar ik wist eigenlijk zeker van wel. Het was op zo’n avond in zijn keukentje, hij maakte pasta volgens zijn eigenwijze recept en ik opende een fles wijn, waarop ik besloot voorzichtig open kaart te gaan spelen. Ik vertelde hem over Reinier, dat ik iets sekserigs met hem had gehad en dat hij had verteld dat hij Beer kende. Beer zei niets. Vervolgens vertelde ik hem, mijn Beer, dat ik vreselijk van hem hield, maar dat ik hem vleselijk met geen mogelijkheid trouw kon zijn. Toen ik grote, heldere tranen in zijn ogen zag, brak mijn hart in stukken en ben ik radeloos – maar ook opgelucht – vertrokken. De brief die Beer me daarna schreef, waarin hij uitlegt dat hij me niet meer als zijn partner kan zien, heb ik nog. Ik heb hem laatst weer aan Maud laten lezen. Ze moest erom lachen.

Ook dit verhaal heb ik haar laten lezen. ‘Mooi, maar klopt alleen niet helemaal,’ zei ze gisteren glimlachend. ‘We dronken die avond geen wijn, maar bier.’
Ik heb haar in de waan gelaten.

Wil jij jouw verhaal over een jammerlijk mislukte relatie ook in deze rubriek? Neem contact met ons op via: info@degaykrant.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.