Zus

Eergisteren was mijn oudste zus jarig. Ze werd zesenvijftig. ‘Je kantelt de kant van de zestig op,’ schreef ik voor de grap toen ik haar appte. Ze vond het niet zo’n leuke grap.

Zo gezellig even appende, dacht ik aan een telefoongesprek van vijfentwintig jaar geleden. Ik was zesentwintig. Ik gaf les. Ik wilde weer gaan studeren. In deeltijd. Pedagogiek. Echter, de rector adviseerde mij een eerstegraads diploma Engels te gaan halen. Ik had mijn oudste zus aan de lijn.

‘Volgens de rector zit ik dan tot aan mijn pensioen geramd op deze school.’

‘Wil je dat?’ vroeg zuslief.

‘Ik ga liever pedagogiek studeren.’

We zwegen.

‘Rick,’ zei mijn zus toen. ‘Soms sta je in het leven voor een keuze. Je kunt dan voor de veilige, zekere weg kiezen. Kiezen voor hetgeen waarvan je zeker weet dat je ervoor zult slagen. Meer voor het uitgestippelde pad dan voor de uitdaging kiezen. Je kunt ook voor het ongewisse en voor de uitdaging gaan.’

‘Natuurlijk, met die ongewisse uitdaging neemt de kans op een zekere afloop misschien af,’ zei zus. ‘Maar mocht je niet slagen en met je kop tegen de muur aanlopen, weet dan dat de pijn van het blauwe oog van de mislukking minder erg is dan oud worden met de zielenpijn van ‘had ik maar’ op je schouders getorst.’

Ik ben pedagogiek gaan studeren. Drie jaar later studeerde ik af. In het jaar dat ik afstudeerde, ben ik van baan gewisseld. Ik had de middelbare school en mijn baangarantie tot aan mijn pensioen vaarwel gezegd.

De levensles van mijn zus komt me nog steeds van pas. Wie schrijft loopt al snel het risico een blauw oog op te lopen. Dat gevoel van onzekerheid komt bij het schrijven of publiceren soms om de hoek kijken. Gelukkig luister ik er niet naar. Onzekerheid is een slechte raadgever.

Ik weet sinds het gesprek met mijn oudste zus dat het gevoel van ‘had ik het nou toch maar gedaan’ mij op de lange duur veel meer schaadt dan een eventueel slecht ontvangen schrijfselarij.

Ik weet inmiddels dat ‘doen’ meer oplevert dan ‘niet doen’. Ja, als je ‘doet’, loop je kans op mislukking. Op falen. Dat klopt. Maar dan mis je ook de kans op bekrachtiging. Bekrachtiging dat nieuwe, onbekende wegen inslaan juist leidt tot voldoening. Tot het besef dat je iets wél kunt. Tot complimenten.

Zus

‘Zo mooi dat je binnenkort weer een nieuwe dichtbundel uitgeeft,’ schreef mijn zus mij tijdens het app-contact op haar verjaardag. ‘Heel knap hoor broertje.’

Toen ik het compliment las, dacht ik even terug aan mijn studie pedagogiek.

‘Het kind dat nooit een blauwe plek heeft opgelopen, is het kind dat nooit gespeeld heeft,’ had ik destijds ergens gelezen.

Dat klopt.

En de mens die nooit een blauw oog heeft opgelopen, is de mens die nooit duiding aan zijn leven heeft durven geven.

Geleerd van mijn oudste zus die eergisteren jarig was (en uiteraard nog langzalzeleve niet naar de zestig kantelt).


Leef volgens de wet van de kwetsbare moed
Een wet die wat formules kent
Wees authentiek, houd van alles wat je doet
Wees nimmer bang voor wie je bent

Handel als de held uit je kinderdromen
Droom van zachtheid, droom onbegrensd
Laat hen die lelijk doen niet nader komen
Maar wat jou mooi maakt is gewenst

Open je hart en gooi open de ramen
Blijf verwijderd van jaloezie
En word je omringd door onbekwamen
Dan pak je gewoon de regie

Gebruik je verdriet en leer ook van de pijn
Vermijd lang zelfmedelijden
Als angst en depressie reisgenoten zijn
Laat ze richting zonlicht rijden

Laat je nimmer verblinden door schone schijn
Prik door opgeblazen ballon
Laat zien wat de ander echt zou kunnen zijn
Als deze niet zoveel verzon

De uitkomst van dit leven staat meestal vast
Want als je de formule kent
Weet je dat kwetsbaarheid tonen aanvoelt als last
Terwijl je dan misschien wel het moedigst ben


Rick van der Made

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.