De Laatste Aai: “Rouwen om een gestorven huisdier is geen taboe meer”

Volgens de Raad voor de Dierenaangelegenheden (RDA) dreigt de liefde voor onze huisdieren door te slaan. Vandaag is het dierendag en staat De Gaykrant stil bij een bijzondere tentoonstelling in het Nederlandse Uitvaartmuseum Tot Zover in Amsterdam. Thema? Rouw rond dieren. Opvallend genoeg is hier nooit eerder zó veel aandacht aan besteed. De Gaykrant kreeg onlangs een exclusieve rondleiding door curator Laura Cramwinckel. “Rouwen om een gestorven huisdier is geen taboe meer.”

Tekst: Paul Hofman

Onvoorwaardelijke liefde

De afgelopen decennia is een ware cultus ontstaan over het afscheid van je huisdier, zo blijkt. Wist je overigens dat Nederland meer gezelschapsdieren dan mensen huisvest? De teller van het aantal gezelschapsdieren komt op dit moment uit op 35 miljoen. Een overgroot deel van de mensen ziet huisdieren als volwaardig gezinslid. Vroeger was dit niet zozeer het geval. Een afscheid van je hond, kat, marmot, konijn of parkiet kan even hard aankomen als het afscheid van een familielid, zo vertelt curator Laura Cramwinckel. “Een dier geeft je nu eenmaal onvoorwaardelijke liefde, vriendschap en trouw.”

“Afscheid van je hond, kat, konijn of parkiet kan even hard aankomen als het afscheid van een familielid”

Emma Kisiel, At Rest-Rabbit, digitale foto, 2011

Bedrijfstak

Wanneer dat wegvalt kan het hartverscheurend zijn. Verdriet verwerken gaat niet zomaar. De leegte die een dier achterlaat kan groot zijn. Voor sommigen voelt het alsof iemand een stuk uit het hart heeft gescheurd. Niet vreemd is het dat rondom de emoties van huisdierbezitters een fascinerende bedrijfstak is gegroeid. Maar kun je het rouwen om een dier vergelijken met het rouwen om een mens?

Tinkebell, My dearest cat Pinkeltje, 2004

Ontroerend

Vol passie toont Cramwinckel ons de museumzalen. Hier komt een wereld van afscheid, rouw en eeuwigheid tot leven. Ze benadrukt dat ieder mens ,die ooit een diepe en innige band met een dier had of heeft, weet dat zij net als wij gevoelige wezens zijn. Natuurlijk elk met een eigen karakter en persoonlijkheid. Maandenlang werkte Cramwinckel aan De Laatste Aai. “Het was een behoorlijk grote klus, maar het was het meer dan waard.” Het resultaat mag er zijn. Zo zien we ontroerende portretten van stervende en gestorven dieren, waarin de relatie tussen mens en dier op aandoenlijke wijze zichtbaar wordt.

“In 20 jaar heeft Nederland er dertig dierencrematoria en negentien dierenbegraafplaatsen bij gekregen”

Varkensogen

In deze tijd wordt veel aandacht besteed aan dierenwelzijn. Maar bizar is het verschil tussen een dier dat je kent en een anoniem dier in, bijvoorbeeld, de vleesindustrie. Treffend hierbij is de serie foto’s van slachtvarkens. Tientallen ogen kijken je triest aan. Haast onwerkelijk is de blik van hen, het worden bijna mensenogen die overlopen van emotie.Voor Cramwinckel was de tijd rijp voor deze tentoonstelling. Zij laat een kaart zien van de ontwikkelingen van de afgelopen twintig jaar. “In deze periode heeft Nederland er niet alleen dertig dierencrematoria bij gekregen, maar ook negentien dierenbegraafplaatsen.” Ze benadrukt dat de wijze van afscheid nemen steeds meer lijkt op een menselijk vaarwel. Invoelbaar zijn de foto van de ‘nabestaanden’: baasjes die hun dieren niet willen loslaten, kaarsjes branden, tien urnen op de kast hebben staan of zelfs hun lieveling laten opzetten.

Kunst of kitsch

Uitzonderlijke uitvaarten zijn er altijd geweest, maar in de jaren negentig zien we veel uitbundige langstrekken. Veel homo’s overleden in die jaren aan AidS. Hun afscheid moet zijn zoals ze hadden geleefd: feestelijk en groots. Denk aan de begrafenis van Manfred Langer en Peter Giele. Opvallend is de urn in de vorm van een extravagante stenen taart waarin de as van de twee levenslange vrienden Guus Vleugel en Ton Vorstenbosch zit. Kunstenaar Guusje Binnendam kreeg jaren geleden de opdracht een urn voor de twee hartsvrienden te maken.

Guus Vleugel (1932-1998) was een bekende tekstdichter, toneelschrijver en schrijver van (cabaret)liedjes en romans. Twintig jaar werd zijn as bewaard in deze urn. De urn stond thuis bij Vleugels partner Ton Vorstenbosch (1947-2017), ook een toneelschrijver. Toen Vorstenbosch stierf werd hun as samen verstrooid op De Nieuwe Ooster. Wat bleef is deze stenen taart.

Taart-urn voor de as van Guus Vleugel (1998) van Guusje Beverdam

Gouden pikjes

Het is mooi van lelijkheid, zegt een bezoeker achter ons. Kitsch of kunst? Vrolijk en over-the-top gedecoreerd. Zelfs de kaarsen, hoewel kromgetrokken, zitten er nog in. De urn van Vleugel is van keramiek en van binnen bekleed met rood fluweel. Hij is voor binnen gemaakt en is absoluut niet vorstbestendig. De opdracht die kunstenaar Guusje Beverdam kreeg was een kunstwerk/urn te maken zonder dat bezoek in huis het als een urn zouden herkennen. “Ik heb hem gemaakt in de vorm van een grote roze taart met symbolen over de liefde, zijn geaardheid en werk.Het hart, de rozen en duiven staan voor de liefde. De vleugels hebben betrekking op zijn naam en natuurlijk omdat hij is gaan hemelen. De kleur roze, de gouden pikjes in de slagroom en de bananen-kandelaars op het homo zijn.De gouden leeuw met getrokken zwaard, staan voor de ironie en zijn aversie tegen het koningshuis in zijn werk. Hoe het er ook uitziet, het is letterlijk en figuurlijk een blikvanger.

De tentoonstelling ‘De Laatste Aai’ is tot 20 januari 2020 te zien.
Kijk op www.totzover.nl ook voor het uitgebreide randprogramma.

Hoofdfoto: Simone Henken

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.