Een vleugje melancholiek aan het eind van het schooljaar

Het einde van het jaar is in zicht. Sinds ik in het onderwijs werk, lopen mijn jaren niet van januari tot december, maar van september tot juli. In die periode – geregeld afgebroken door een heerlijke vakantie – breng ik heel wat tijd door met mijn klassen en maken we van alles met elkaar mee. De eerste weken is het vooral aftasten en  een band opbouwen, maar voor je het weet komen de verhalen over de eerste liefdes, kleine ruzies of verdrietige thuissituaties. En dan is er natuurlijk ook altijd weer het vechten voor goede cijfers en het wekenlang uitkijken naar de zomervakantie. En wanneer deze zomer dan na een lang en intensief jaar ineens voor de deur staat, word ik – ja, dat kan al op je 25e – toch een beetje melancholisch. 

In mijn vorige column schreef ik al dat ik in vorige werkzaamheden altijd een bepaalde zingeving miste. Een vreselijk zweverige term, maar wel precies zoals ik het voelde. Enig hoor, gein trappen in een KLM-toestel met een uitspraak als ‘coffee, tea or me’ en het uitbeelden van een kip in het gangpad omdat je aan een Chinese dame van 93 probeert duidelijk te maken dat de vegetarische maaltijden op zijn. De rol van gastvrije clown paste me uitstekend, maar ik had bij het sluiten van de vliegtuigdeuren nou niet echt het gevoel dat ik wezenlijk had bijgedragen aan een groter geheel. Voor de klas heb ik dat dus wel.

Aftasten

Ik zal eerlijk vertellen dat ik de eerste weken na de zomervakantie de afgelopen jaren niet per se een knalfeest vond. De eerste lessen met nieuwe klassen is het een kwestie van aftasten wat je aan elkaar hebt. De klas wil ontdekken wat ze aan mij hebben en wil uitproberen of ik niet makkelijk op de kast te krijgen ben. Ze weten dan vaak nog niet dat ik veel  te blij ben dat ik daar al een paar jaar uit ben. Ik moet veel strenger zijn dan ik daadwerkelijk ben, en moet voordat ik iemand aanspreek steeds een link leggen tussen de door mij zelf gefabriceerde plattegrond en het aangeleverde smoelenboek met foto’s van voor de groeispurt die de leerlingen in de zeven weken zomervakantie hebben gemaakt. Pas tegen de herfstvakantie kan ik zeggen dat ik iedereen ken en dat er ook een leuke band begint te ontstaan.

Boeiend

Ook het afgelopen schooljaar is dit gelukt. Nederlands is een vak dat zich heel goed leent voor een koppeling met de actualiteit en ruimte geeft voor een gesprek, discussie of presentatie over zaken die de leerlingen bezighouden. Soms vind ik het ook heerlijk om gewoon een kwartier slap te ouwehoeren met de klas over wat er allemaal speelt en het vak even helemaal los te laten. Buiten dat ik geïnteresseerd ben in de klas, vinden ze het ook maar al te boeiend om uit te vinden waar ik me naast lesgeven mee bezighoud. Al snel wordt Instagram afgezocht om uit te vinden wie er daadwerkelijk voor de klas staat en krijg ik op maandagochtend de vraag of de optredens afgelopen weekend leuk waren, of zeggen ouders tijdens een spreekavond dat ze iedere week  verplicht voor de buis zaten om naar ‘die docent Nederlands’ in Screentest te kijken.

Gedurende een schooljaar gebeurt er natuurlijk van alles in de levens van leerlingen. Vervelende zaken als scheidingen of sterfgevallen, maar ook andere gebeurtenissen als een eerste liefde of misschien wel een coming-out.  Ik vind het heel bijzonder dat ik dat van dichtbij meemaak en dat leerlingen mij hun geheimen, problemen en worstelingen toevertrouwen. Toen ik afgelopen januari mentor  werd van een derde klas havo, en hier het sociale aspect met leerlingen en ouders nog meer kwijt kon, kreeg ik de ultieme bevestiging dat ik op mijn plek ben in het onderwijs. Een soort moedergans met zijn 23 mentorzonen en –dochters. Zo verantwoordelijk voel ik mij soms.

Nieuwe groep

Hoe bijzonder zo’n band met een klas ook is, je weet ook dat je volgend jaar het hele circus weer opnieuw gaat beleven met een nieuwe groep leerlingen. Een nieuwe groep, maar met dezelfde problemen, geheimen en eerste liefdes. Wanneer ik oud-leerlingen in de gang tegenkom, kan ik het niet laten om even herinneringen op te halen, te vragen naar hoe het ervoor staat op school, of ik maak voor de driehonderdste keer een grap die ze al lang kennen. Allemaal zijn ze onder de vleugels van een nieuwe moeder de gans.

Volgend schooljaar is de diploma-uitreiking van de leerlingen die ik in mijn eerste jaar voor de klas lesgaf. Ik neem voor de zekerheid maar een zakdoek mee, want voor je het weet zit ik daar als een door Brigitte Kaandorp zo goed omschreven, melancholische Portugees die ter aarde stort bij het afscheid.

Jari Esbeukman


Jari Esbeukman is docent Nederlands in het voortgezet onderwijs, werkt als zanger en presentator.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.