Leonardo da Vinci: een bewogen leven en in stijl begraven

Een van de eerste openlijk homoseksuele kunstenaars was Leonardo da Vinci (1452 – 1519). Nou ja, openlijk: Leonard schreeuwde het misschien niet van de daken, maar hij had minstens twee vaste relaties met een jongen, tekende vrijwel altijd mannen naakt en wulps maar vrouwen gekleed en decent en maakte van zijn afkeer van het vrouwelijk geslacht en van de coïtus geen geheim. Na een ook op het seksuele vlak bewogen leven trad hij in 1516 in dienst bij de Franse koning François I, die resideerde in het Noord-Franse Amboise. Daar ligt de geniale beeldhouwer, uitvinder en schilder begraven in een stijlvol graf. Zijn 500ste sterfdag wordt er dit jaar herdacht.

Tekst: Norbert Splint

Het staat vast dat Leonardo di Ser Piero is geboren op 15 april 1452 (inderdaad: in Vinci, Italië) en is gestorven op 2 mei 1519 in Amboise. Leonardo kon in het paleis van de koning en daarbuiten gaan en staan waar hij wilde en deed dat ook. Hij kon maken wat hij wou en kreeg geld toe. We danken het overigens aan François dat bijvoorbeeld de Mona Lisa in het Louvre hangt en niet in een of ander obscuur Italiaans museum. Een tijd lang werd gedacht dat de koning alle door Leonardo uit Italië meegebrachte schilderijen min of meer had geconfisqueerd. Tegenwoordig weten we dat hij ze gewoon heeft gekocht.

St. Hubertuskapel – Amboise

Illegale prostitutie

Dat, en nog veel meer, staat in de uitstekende Leonardo-biografie van Walter Isaacson*, ook de biograaf van Steve Jobs (over geniën gesproken). Isaacson beschrijft zonder gêne hoe Leonardo al op zijn negentiende (anoniem) werd beschuldigd van sodomie. Teruglezend en met de kennis van nu, denk je eerder aan een geval van illegale prostitutie, maar het een sluit het ander natuurlijk niet uit.

Hoe dan ook was het zijn leven lang een va-et-vient van mannelijk schoon, in alle huizen waar hij heeft gewoond. Het begon allemaal met de 13-jarige lierspeler Atalante Moglioriotti die zich in 1480 bij Leonardo voegt. Als deze besluit in Milaan te gaan wonen, gaat Atalante met hem mee. Later maakte hij carrière in het bruisende Noord-Italiaanse muziekleven van rond 1500 en raakte hij van Leonardo vervreemd.

Gewapende vrede

Van langere duur was de verbintenis met een schone jongeling die in 1490 in Leonardo’s huishouden wordt opgenomen. Leonardo noemt hem Salai, wat ‘kleine duivel’ betekent. Hij heeft hem vaak getekend en stond model voor veel personen op verschillende schilderijen, maar de relatie kan worden gekenschetst als een voortdurende staat van gewapende vrede. Ondanks dat, bleef het paar samen zolang als Leonardo leefde.

En dat, terwijl er vanaf 1507 een dritte im bunde was. Zijn naam was Francesco Melzi, hij was de zoon van een vooraanstaand Milanees edelman en tijdens de ontmoeting met Leonardo 14 jaar oud. Leonardo zelf was toen 55, kinderloos en ook verder zonder enig erfgenaam. Hij sloot met Francesco’s vader een contract dat hem tot leraar, werkgever, voogd en adoptievader maakte. In ruil daarvoor werd de jongen benoemd in Leonardo’s testament: een laatste wil die ‘toen het er op aankwam’ zou worden geëerbiedigd. Ook Francesco zou tot het einde toe bij Leonardo blijven. Ze hadden een soort meester-gezel verhouding en uit brieven blijkt dat ze daarnaast waarschijnlijk minnaars waren.

Van residentie naar residentie

De vraag is vervolgens wat een machtig man als François moest met een polygame sodomiet. Welnu: vermoedelijk was de koning niet op zijn achterhoofd gevallen. Hij kende Leonardo’s werk en persoon van zijn veldtochten door Italië: zo had hij in 1515 de macht in Milaan overgenomen. Kort daarna ontmoette hij Leonardo in Bologna. Die was daar ‘toevallig’ met de paus. Waarschijnlijk heeft de koning hem toen al uitgenodigd mee naar Frankrijk te gaan om deel uit te maken van zijn hofhouding, maar Leonardo moest eerst nog zaken regelen in Rome.

Echter: zodra het weer het toeliet, trok Leonardo met zijn gevolg en bezittingen over de Alpen, reisde door Frankrijk en sloot zich aan bij de koning, die zich als een waar vorst verplaatste van residentie naar residentie. Leonardo was toen 64 en wist best dat dit zijn langste en laatste reis zou worden. Salai was toen 36 en Francesco 21.

Het graf van Leonardo da Vinci

Onderaardse gang

Leonardo ontving van François een toelage die niet afhankelijk was van wat hij presteerde. Er werd hem een landhuis ter beschikking gesteld niet ver van het paleis (of: kasteel) van Amboise en via een onderaardse gang kon hij heen en weer lopen. Veel geschilderd heeft hij er niet; wel heeft hij – in opdracht van François – veel ontwerpen gemaakt van waterwerken: Chateau d’Amboise ligt pal aan de rivier de Loire.

Leonardo da Vinci stierf, zoals we dat nu zouden zeggen, gewoon van ouderdom. In zijn eigen bed. Hij werd begraven in de kerk van het paleis, maar uitgerekend dat deel van het gebouw is gesloopt. Er staat nu een reusachtig borstbeeld. De resten zelf zijn overgebracht naar de St. Hubertuskapel, een paar honderd meter verderop. Daar rust zijn gebeente onder een relatief eenvoudige, witmarmeren steen. Stijlvol, waardig en elegant. Ter gelegenheid van de 500ste sterfdag is het complete museum in en om het paleis van Amboise opnieuw ingericht. Daaronder ook Leonardo’s graf.

Skelet met voeten richting hoofdaltaar

Dat is vaak geopend. Daardoor weten we dat de schedel moet hebben toebehoord aan een ongeveer zeventigjarige man. Ook is duidelijk dat het skelet 1m77 is: tamelijk groot voor een middeleeuwse volwassene, maar Leonardo was inderdaad vrij lang.

In het graf zijn geldstukken gevonden met daarop de beeltenis van François. Die regeerde tot 1521 dus het graf is van vóór die tijd. Naast die geldstukken liggen stenen met daarop letters die de woorden ‘Leonardus’ en ‘Vinci’ zouden kunnen hebben gevormd. Een andere steen beschrijft het leven van de Heilige Lucas, de beschermheilige der kunstenaars. Tot slot: het skelet ligt met zijn voeten richting het hoofdaltaar van de kapel. Dat betekent dat er een leek ligt begraven en zeker geen geestelijke. Hier rust dus inderdaad het gebeente van Leonardo da Vinci.

*Walter Isaacson: Leonardo da Vinci, de Biografie
Vertaald door Rob de Ridder
Houten (Het Spectrum), 2017
www.chateau-amboise.com/

Foto’s: Stijn Benjamin Zwager

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.