Jan Roos: “Als er één groep mensen is met humor en zelfspot, dan zijn het de homo’s.”

Jan Roos kennen we als columnist en programmamaker. Daarvoor was Roos praatjesmaker op de radio, politiek partijleider en grappenmaker bij de publieke omroep. Een succesvolle carrière tot dusver. Toch is er een smetje dat hem blijft achtervolgen: zijn vermeende homofobe uitspraken. Kenneth Steffers ging een exclusief en openhartig gesprek aan met Jan Roos. Over homograppen, LHBT-rechten en homofobie: ‘Ik vertel dit eenmalig en daarna verwijs ik iedereen door naar dit interview.’

Tekst: Kenneth Steffers

Jij maakt grapjes over alles en iedereen. Wat vond je van die ‘transgender-grap’ van René van der Gijp?

“Ik vond het geen bijster goede grap eigenlijk. Maar ik begrijp de hysterie die daarna ontstond ook niet. Want wat is er nu mis mee? Die man (Boudewijn van Spilbeeck – KS) die pakweg 60 jaar op televisie kwam als een meneer. Op een gegeven moment zegt hij: ‘Ik wil graag Beau genoemd worden, ik draag vanaf nu een pruik en ik voel mij een vrouw.’ Allemaal prima. Je moet het natuurlijk respecteren maar je moet er ook een grapje over kunnen maken. Kom op zeg.”

“Als ik mezelf op een gegeven moment aan een totale metamorfose zou onderwerpen, zeg maar dat ik het gevoel heb dat ik met de verkeerde huidskleur ben geboren… Vervolgens meet ik mezelf een kroespruik aan en smeer ik een donker huidje op… Ik denk dat ik dan door alles en iedereen in de maling zal worden genomen. En dat mag van mij hoor. In een vrije samenleving mag je zijn wie je wil zijn, maar daar mogen dan ook grappen over worden gemaakt. Dat is de andere kant van de medaille. Het is alles of niks.”

“Ik vertel dit eenmalig en daarna verwijs ik iedereen door naar dit interview.”

“Het is gewoon uitermate vervelend om in een tijd te leven waarin er altijd wel iemand beledigd is. Dat was vroeger misschien ook zo, alhoewel ik het gevoel heb dat iedereen nu wel heel erg gevoelig is. Toen kregen dat soort mensen gelukkig geen podium.”

Denk jij dan dat de tolerantie tegenover LHBT’ers juist afneemt doordat men over elke homograp ophef maakt tegenwoordig?

“Je moet in een vrije en open samenleving accepteren dat men grappen ten koste van je kan maken. Dat doet men ook bij mij: omdat ik bijvoorbeeld een dikke bierbuik heb en brildragend ben. Men maakt grappen over mijn werkzaamheden voor mijn voormalige werkgever (PowNed – KS), maar ook over het feit dat ik een roodbehaarde snor heb. Bijna altijd vind ik die grappen leuk, maar soms voel ik mij ook weleens beledigd. Dat is dan mijn eigen probleem. Dan hoef je niet gelijk de slachtofferkaart te trekken, hopend op een plaatsje aan tafel bij een of ander VARA-programma. Als je bij een minderheid hoort, dan kan er weleens een grapje over je worden gemaakt. Zoals over iedereen grappen worden gemaakt. Hoewel ik moet zeggen dat ik mij afvraag of homoseksuelen bij een kleine minderheid horen. Zo klein is dat clubje nu ook weer niet.”

Ga je weleens met een ‘nicht’ op pad?

“Ja, natuurlijk. Met Gerard Joling bijvoorbeeld. Die komt weleens bij mij in het dorp. Dan drinken we een biertje samen. Dat zijn de leukste avonden. Toen ik nog in Amsterdam woonde ging ik vaak naar de Reguliersdwarsstraat. Omdat het er zo gezellig was.”

“Als ik één specifieke groep moet aanwijzen van mensen met humor en zelfspot, dan zijn het wel de homo’s. Daarom lijkt het mij ook vreemd dat mensen opeens in de war raken als ik een homo eens een keer gekscherend een ‘flikker’ noem. En laten we eerlijk zijn; de meeste homo’s zijn zelf ook niet vies van woorden als poot, nicht of flikker. Het zijn vooral de politiek correcte tuthola’s buiten ‘de gemeenschap’ die aanstoot nemen aan dit soort benamingen.”

Ben je zelf eigenlijk honderd procent hetero?

“Ik denk wel dat ik volledig hetero ben. Ik heb mij tot dusver nog nooit aangetrokken gevoeld tot een man, maar ik respecteer natuurlijk seksuele diversiteit. Mijn huidige vriendin leefde, voordat ik haar leerde kennen, vijf jaar samen met een vrouw. Daarmee bedoel ik niet vriendschappelijk. Het waren lovers. Nu gaat ze met mij. Als ik persoonlijk wél homo zou zijn dan zou ik hetzelfde zijn zoals ik nu ben. Enige verschil: ik zou niet trouwen en hand in hand lopen met een meisje, maar met een jongen.”

“Mijn huidige vriendin leefde hiervoor, vijf jaar samen met een vrouw, als lovers.”

Twee mannen hand in hand?

“Ik zou het absoluut doen. Ik ben geen miezerig mannetje.  Als ik hand in hand met mijn verkering wil lopen, en het is toevallig een man, dan moet je toch echt wel van hele goede huize komen om dat recht van mij af te nemen. Je mag er van denken wat je wil, maar als je dan aan me zou zitten omdat mijn geaardheid je niet aan zou staan, dan sla ik je op je smoel.”

Je bent vader van drie kinderen: een dochter en twee zoons. Wat zou je ervan vinden als er eentje gay zou zijn?

“Het enige waar ik mij als vader druk om maak is of mijn kinderen gelukkig zijn. Hun geaardheid zal mij werkelijk een worst zijn. Het zijn mijn kinderen; mijn lievelingen, mijn bloed. Met wie ze thuiskomen moeten ze helemaal zelf weten. Iedereen is hier welkom.”

Je was ooit de voorman van de politieke partij VNL. De harde aanpak van anti-homogeweld in jullie partijprogramma werd door sommigen gezien als ‘pinkwashing’.

“Door alleen al de term ‘pinkwashing’ (= misbruik van LHBTI-rechten voor eigen gewin – KS) te gebruiken onderschrijven sommige mensen dus dat ze homoseksualiteit abnormaal vinden. Ik geloof niet eens dat die term groot is geworden binnen de homogemeenschap, maar eerder ‘dankzij’ types van bijvoorbeeld GroenLinks. Maar voor hen ben je homofoob of je doet aan ‘pinkwashing’. Je kan het in ieder geval nooit goed doen.”

Hoe zit het dan met de uitspraken van -zum Beispiel- Annabel Nanninga? Zij sprak eerder o.a. over ‘dobbernegers’. Die uitspraken achtervolgen haar. Jouw uitspraken achtervolgen je ook.

“Dat klopt. De term ‘dobberneger’ is een hartstikke leuke vondst. Dat ging over voornamelijk zwarte mensen die in een bootje naar Europa wilde komen. Maar Nanninga is nu fractievoorzitter voor het Forum voor Democratie in Amsterdam, dat is een hele andere rol dan als columniste voor GeenStijl. Dat geldt dus ook voor mij. Als je die twee dingen niet los van elkaar kunt zien, dan ben je of niet zo slim of je probeert gewoon iemand te beschadigen. Vergeet niet dat Annabel een homoseksuele vluchteling in huis heeft gehaald omdat hij niet veilig in een asielzoekerscentrum was vanwege zijn geaardheid. Dat zie ik weinig van die zogenaamd deugende mensen doen. Liever gezegd; ik ken er geen een.”

“Vergeet niet dat Annabel een homoseksuele vluchteling in huis heeft gehaald”

Maar ben je nu een homofoob of niet?

“Ik beschouw ieder individu als een persoon en ik categoriseer mensen op hun doen en laten en op de dingen die ze zeggen. Als jij als persoon domme dingen zegt –veelvuldig- dan vind ik je een dom persoon. En of je nou een flikker uit Rotterdam bent of een hetero uit Staphorst, het maakt mij niets uit. Ben je een neger en zeg je slimme dingen, dan denk ik “Potverdorie, wat een slimme jongen”. Niet wat een slimme neger. Ik kijk niet naar huidskleur, geloof of geaardheid. Ik ben dan ook geen racist, homofoob of islamofoob. Dat laatste bestaat trouwens niet eens echt. Angstig zijn ten aanzien van de islam is namelijk moeilijk irreëel te noemen.”

“Ik, als Hollandse boerenlul met mijn blonde haar, mijn bierdrinken en als liefhebber van gehaktballen, heb mij altijd druk gemaakt om mensen die moeite hebben met homoseksualiteit. Ik ken vriendjes van vroeger die destijds zeiden: ‘Homo’s? Gadverdamme!’ Dan denk ik: ‘Hoezo gadverdamme?!’ Ik snap daar helemaal niets van. Hoe kan je je druk maken over wat een ander volwassen mens in de slaapkamer uitvoert. Lekker boeiend.”

Je vriendin bijvoorbeeld…

“Toen ik mensen vertelde dat mijn vriendin voorheen met een vrouw samenleefde, was het meteen zo van ‘Ah, daar kun je dus lekker naar kijken, misschien zelfs wel een trio!’ Heel gek dat hetero-mannen soms zo denken, want over twee homoseksuele mannen zal je ze dat niet zo gauw horen zeggen.”

Dat zagen we wel met die posters van SuitSupply.

“Die campagne vond ik ijzersterk. Dat idioten die dan moeten vernielen zegt genoeg. Dat zou niet hebben plaatsgevonden als er twee zoenende vrouwen op die poster hadden gestaan. Dat is vaak het probleem met hetero-mannen. Ze hebben geen problemen met homoseksualiteit, zolang het maar over twee vrouwen gaat. Dat begrijp ik niet.”

“Ze hebben geen problemen met homoseksualiteit, zolang het maar over twee vrouwen gaat…”

Waar komt homofobie überhaupt vandaan?

“In Nederland voornamelijk vanuit religieuze hoek. De islam bijvoorbeeld. Dat de cijfers zogenaamd iets anders zeggen komt mede door bepaalde media en een of ander stuk dat ooit werd gepubliceerd in Trouw. Daaruit zou blijken dat anti-homogeweld en homofobie vooral leeft onder blanke Nederlanders. Bleek helemaal niets van waar. Er wordt wel vaker met CBS-cijfers gegoocheld als het een beter beeld oplevert ten aanzien van de multiculturele samenleving. De nichten die ik ken zijn allemaal in elkaar getimmerd door Turken en Marokkanen. Dat is niet mijn mening maar een voldongen feit.”

En wat kunnen we daaraan doen?

“Kijk ook eens naar de alternatieven. Je hebt LHBT’ers die bijvoorbeeld alleen maar de lijn van clubs zoals het COC volgen. Die staan dan met een regenboogvlag in de hand te kirren over inclusiviteit, terwijl je als homo niet eens veilig over straat kan in sommige buurten. Daarnaast heb je ook meer realistische types, zoals Lennard van Mil (oprichter van de conservatieve GayServative beweging – KS) bijvoorbeeld. De harde boodschap die hij brengt is niet leuk, maar we moeten ook helemaal niet doen alsof het allemaal nog zo leuk is in Nederland.”

Duidelijk. Maar zullen we afsluiten met een positieve noot?

“Ondanks dat we veel zeuren in en over Nederland, is het nog steeds een van de meest beschaafde en tolerante landen ter wereld. Daar mogen we best trots op zijn. Alleen, we moeten dat feit dan ook willen blijven verdedigen.”

4 thoughts on “Jan Roos: “Als er één groep mensen is met humor en zelfspot, dan zijn het de homo’s.”

  1. Frans de Witt schreef:

    Mijn lesbische dochter maakt mij regelmatig uit voor homo.
    Ik vindt iemand uitmaken voor homo geen beledeging ondanks dat er iemand voor veroordeelt is. Je kunt toch ook niet veroordeeld worden als je iemand voor hetero uit maaktF

  2. Maria Wouden schreef:

    Uitstekend verwoord.

  3. Johan schreef:

    Mooi interview!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.