Raadselachtige verdwijning: Piet Beentjes al meer dan dertig jaar vermist

De vermissing van Piet Beentjes is een bijna onwaarschijnlijk verhaal dat tot de verbeelding blijft spreken. Tijdens de laatste voor die periode warme dagen van april 1987, verdwijnt de dan 28-jarige Piet spoorloos. Nooit wordt er meer iets van hem vernomen.

Tekst: Paul Hofman

Werd hij vermoord, pleegde hij zelfmoord of overkwam hem een ongeluk? Of is hij domweg de zee ingelopen? De Gaykrant sprak met zijn zuster die al meer dan dertig jaar wacht op een definitief antwoord wat er is gebeurd met haar broer. “Die onwetendheid is ondraaglijk.” Ook spraken we met documentairemaker Jaap van Hoewijk die gefascineerd raakte door deze zaak. Hij maakte een indrukwekkende film die november 2017 in premiere ging op het IDFA-festival.

Toppen

Vanaf haar Amsterdamse woonboot heeft Toos een prachtig uitzicht op de stad. Aan de eettafel vertelt ze over het leven van haar broer. Het is een verhaal dat diepe indruk maakt en haast niet is te bevatten. Bevlogen vertelt ze over haar broer. Uit haar verhaal rijst het beeld van een jongen op die van het leven hield maar die ook teleurstellingen kende. Emotioneel wordt Toos als ze Piets jeugd, zijn puberteit en zijn coming-out beschrijft. Ze pauzeert en haalt dan een kleine koffer uit de kast. Een koffer vol herinneringen aan hem: zijn geboortekaartje, zwemdiploma en zijn schoolrapporten zijn nauwkeurig gerangschikt. Piets leven in een notendop.

Pietje Bell

Toos en haar broer schelen bijna vijf jaar en groeien op in een warm gezin in Heemskerk waar ze een heerlijke jeugd hebben. “Omdat ik jonger was dan Piet moest hij vaak op mij passen en dat vond hij niet altijd leuk. Dan zei hij tegen mijn ouders dat hij geen kindermeid was. Maar we konden het ook heel leuk hebben, hoor. En natuurlijk kibbelden we natuurlijk heel wat af. Hij was echt mijn oudere broer die mij op latere leeftijd zijn geheimen toevertrouwde.”

“Piet was een energiek en ondeugend kind dat tegelijkertijd heel ondernemend was. Wellicht dat je het nu ADHD zou noemen. Mijn vader werd weleens nerveus van hem. Terwijl ik papa’s meisje was trok hij meer naar mijn moeder. Hij had echt wel zijn streken.” Lachend: “Als kleine jongen ging hij eens in zijn eentje op stap. Nam de bus en zei tegen de buschauffeur dat zijn moeder zo kwam. Die was er natuurlijk niet en Piet zei dat zo overtuigend dat de man het geloofde en Piet er letterlijk mee weg kwam.” Piet is een bijzonder kind dat op school weleens als buitenbeentje wordt gezien. Maar met niemand heeft hij ruzie. Gepest wordt hij ook niet. “Piet was gewoon Piet.” Hij was een sportieve jongen die van zwemmen, wandelen en de natuur hield, vertelt zijn zuster. Duinen en strand waren alles voor hem.” De foto’s laten een mooie jongen zien die volop in het leven staat. Hoe Toos zich haar broer herinnert? “Hij was veel met zijn uiterlijk bezig en was een beetje vrouwelijk. Mijn vader vond dat maar niets en mopperde vaak op Piet.”

“Die onwetendheid is ondraaglijk”

In zijn puberteit merkt hij dat hij ‘anders’ is. Hij vindt jongens leuker dan meisjes. Pas op latere leeftijd komt Piet echt uit de kast. Aan zijn vader, die overlijdt als Piet zestien is, durft hij niet te vertellen dat hij op jongens valt. Dat doet hij pas na de tragische dood van zijn vader. Zijn vader heeft de hand aan zichzelf geslagen. Het is een drama voor het kleine gezin. Hun moeder staat er nu opeens helemaal alleen voor. Een moeilijke tijd volgt. Maar ze is een flinke vrouw en vindt houvast in haar geloof. Ze zorgt ervoor dat de kinderen een warm nest houden. De reactie van haar moeder op de coming-out van Piet staat op haar netvlies gebrand. “Ik kwam thuis uit school en zag dat mijn moeder huilde. Piet had haar net verteld dat hij homo was. Ze had Piet in niet mis te verstane woorden verteld dat ze liever had gezien dat hij een meisje zwanger had gemaakt.” Een niet zo verstandige reactie van haar moeder die haar uitspraak eigenlijk direct betreurde. Het heeft de sterke band tussen moeder en zoon echter nooit blijvend beïnvloed. “Nadat hij uit huis was gegaan belde hij haar iedere dag.” Hun band was heel ‘close’.”

Toos Beentjes, de zus van Piet.

Uitgaansleven

Ze herinnert zich haar broer als een rustige jongen die wel graag onder de mensen is. Regelmatig gaat Piet uit in Hilversum en Amsterdam waar hij veel mensen ontmoet. Al snel kent de gayscene in deze steden geen geheimen meer voor hem. Het zijn de jaren waarin vooral het Amsterdamse uitgaansleven bloeit: cafe April, de Amstel Taveerne en Chez Manfred zijn geen onbekend terrein voor hem. Amsterdam is ‘gay capital of the world”. Zijn eigen naam Piet vond hij als hij uitging wat te gewoontjes klinken en daarom noemde hij zichzelf vaak Pieter of Peter.

Kort voor zijn verdwijning is de relatie van Piet en zijn vriend op de klippen gelopen. Bij de bank waar hij werkt loopt het ook niet goed. Hij kon zijn buien hebben en soms neerslachtig zijn. Kort voor zijn verdwijning heeft Piet grote problemen. Zijn relatie met zijn vriend Hans is na vier jaar samenwonen beëindigd en bij de bank waar hij werkt loopt hij al een tijdje in de ziektewet. Een dag na zijn verdwijning zou hij een gesprek daarover met een advocaat hebben. Het zal echter nooit plaatsvinden.

Vreemd

Een paar weken voordat hij van de radar verdwijnt, verhuist Piet van Hilversum naar Julianadorp vlakbij Den Helder. Waarom hij juist hiernaartoe vertrok, heeft hij nooit verteld. Wel gaf hij aan dat hij daar makkelijk betaalbare woonruimte kon vinden. Hij krijgt een kamer in het grote huis waar nog meer mensen wonen. “Dat was best een vreemde stap want hij kende daar volgens mij bijna niemand.” Op de avond van zijn verdwijning belt hij nog met een kennis. Deze kan niet weten dat het de laatste keer is dat hij met Piet heeft gesproken.

“Want even later was hij zoek. Plotseling want later zagen we dat bij hem thuis in Den Helder nog een aangebroken biertje stond. Niets had hij meegenomen, geen geld, geen paspoort en ook zijn fiets niet.” Een paar dagen lang hoort zijn moeder niets van Piet. Ze maakt zich ongerust omdat ze elkaar dagelijks bellen. Er klopt iets niet. Toos hoort de paniek in de stem van haar moeder en besluit vrienden en bekenden van Piet te vragen of hij bij hun was of contact had gezocht. De pogingen om meer te weten te komen leveren niets op.

Gewoon weg

Een week later seinen Toos en haar moeder de politie in. Ze doen aangifte van vermissing maar stuiten direct op onverschilligheid bij de dienstdoende agenten. Letterlijk zegt een van hen: “Ach, die spoelt wel weer eens aan.” Ze zijn verbouwereerd. Nog altijd heeft Toos er geen woorden voor. Bij niemand van het korps blijkt enige interesse te zijn voor de verdwijning van Piet. De politie doet hoegenaamd niets. Later merken ze dat er bij de politie niet of nauwelijks bewaard is gebleven, zegt Toos wrang. Geen proces-verbaal of verslagen over zijn vermissing. “Ongelooflijk!” Haar blik is veelzeggend.

“De politie nam zijn vermissing niet serieus”

Tot tweemaal toe verschijnt zijn signalement op het dan nog nieuwe fenomeen Teletekst. Het levert slechts twee tips op. “Zo blijkt dat het personeel van de veerboot naar Texel heeft gezien hoe een jongen tegen de stroom van uitstappende passagiers in, de boot opgaat. In de jongen herkennen zij Piet. Als hij op Texel de boot afstapt valt zijn vreemde gedrag op. Zo springt Piet op levensgevaarlijke wijze van de boot. De jongen op zijn sportschoenen in bermuda met zijn stoere zonnebril maakt indruk op de kapitein en zijn medewerkers.

Date?

De andere tip komt van twee samenwonende mannen die op Texel wonen. Na een avondje uit, treffen ze thuis Piet aan die hun vrijstaande huis in Den Hoorn via een tuimelraam is binnengeslopen. Daar neemt hij een bad en wast zijn kleren in de wasmachine. Ondertussen is hij in de keuken een potje nasi gaan koken. Alsof hij er zelf woont. Het mannenstel Cees en Detlev*betrapt hem. Het is dan half drie ’s nachts. Beide zijn ze enorm geschrokken, Ze schrikken beide enorm, zegt Cees later. Naast Detlev is theater zijn grote liefde. Zijn theatercafé Klif 12 in Den Hoorn loopt goed. Zo treden Paul de Leeuw en Karin Bloemen er in hun beginjaren op.

De mannen zijn inmiddels al jaren uit elkaar. Beide wonen ze nog wel op Texel. Detlev wil niet meer aan de Piets zaak herinnerd worden. Het bezoek van Piet aan het huis van de mannen is met raadselen omgeven. Waarom breekt hij juist in bij hem? Had Piet een geheime date met hen? Kende hij een van de twee uit het uitgaansleven? Hadden ze elkaar eerder ontmoet in het Amsterdamse uitgaansleven? Feit is dat Cees daar geen onbekend gezicht was in die tijd. Of was het anders? Noem het toeval of niet maar in het begin van de jaren tachtig woonde de dan nog jonge Detlev in Beverwijk dichtbij het huis waar Piet en zijn moeder woonden. Hadden Detlev en Piet elkaar daar eerder ontmoet? En wilde Detlev hierover later niets meer weten toen hij een verhouding kreeg met Cees?

Nadat Piet bij die mannen is geweest, is hij van het ene op andere moment van de aardbodem verdwenen. Zelf heeft ze kort na de verdwijning nog met Cees gesproken. “Dat was spannend voor mij. Want hoe moest ik naar hem kijken? Wist hij meer of juist niet? Verzweeg hij iets?  Ik zat er heel dubbel in. Het bleef een raar verhaal voor mij.  Ik wist gewoon niet wat ik er van moest vinden.” Natuurlijk vroeg ze zichzelf weleens af of hij de waarheid sprak. Want was het echt toeval dat haar broer uitgerekend bij deze twee mannen belandde? “In die tijd woonde er maar één homostel op Texel.”

Vreemd gedrag

Als Toos later zijn kamer in Julianadorp doorzoekt, zien ze nog een aangebroken biertje staan. “Hij had niets meegenomen, geen geld, geen paspoort en ook zijn fiets niet.” Het mannenstel biedt hem een droge lichtgroene joggingbroek en een paarse sweater aan. Niet veel later vertrekt Piet. “Dat Piet zich zo gedroeg paste helemaal niet bij hem.” Het feit dat Cees’ levenspartner niets meer met de vermissing te maken wil hebben, roept ook veel vragen op. Zou hij meer weten over de verdwijning en er daarom met niemand meer over willen praten? Of was Piet verliefd geworden op een van de twee en zag de ander dat als een bedreiging? Nadat Piet het huis verliet, is Cees midden in de nacht nog met zijn auto op pad gegaan. Waarom hij dat deed is niet duidelijk.

“Piet kende Amsterdams uitgaansleven goed”

Verbitterd over onderzoek

Twee weken na de verdwijning gaat Toos samen met haar vriendin en Piets ex-vriend Hans naar Texel met foto’s van hun geliefde bij zich. Niemand herkent haar broer echter. Hun missie is vergeefs. Piet is gewoon weg. Van de politie krijgt Toos nauwelijks medewerking. Verbitterd vertelt ze over de reactie van een rechercheur die doodleuk meldt dat haar broer hoe dan ook wel weer eens boven water zou komen.  “Die spoelt wel aan als het drukker wordt op het eiland. Nog altijd zit het me dwars dat de politie nooit gedegen onderzoek heeft uitgevoerd.” “Voor ons brak een heel zware periode aan.” Spanning, angst en onzekerheid wisselen elkaar af. Het is een emotionele rollercoaster. “Mijn moeder heeft tot het moment van haar overlijden nooit geweten wat er met haar zoon is gebeurd. Dat is onmenselijk.” Zachtjes: “Maar het kan toch niet zo zijn dat mijn broer voor altijd weg is?” De onzekerheid wat er is gebeurd is bijna niet te dragen.

Bankafschriften

“Als de telefoon of de bel ging schrokken we altijd. Natuurlijk blijf je hoop houden. Soms zag ik weleens een jongen in de verte lopen waarvan ik schrok en dacht dat het mijn broer was. Vreselijk. In ons land sta je geregistreerd als levend of dood. Een tussenweg is er niet. “Als je vermist bent, blijf je levend.” benadrukt Toos. En dat was ongelooflijk zwaar voor haar en haar moeder. “Regelmatig nog de bankafschriften op zijn naam binnen. Zo werd mijn moeder iedere keer weer dag met zijn verdwijning geconfronteerd.” Het is bijna niet voor te stellen hoe dat voor haar moeder moet zijn geweest, zegt ze zachtjes. “Tot haar dood heeft ze hoop gekoesterd iets te weten te komen.” Pas in 2001 kon, na heel veel moeite, een akte van verdwijning worden opgesteld en daarna zijn bankrekening worden opgezegd.

Filmposter van de documentaire ‘Piet is Gone’

Desinteresse

In de jaren na Piets vermissing komt ze vooral desinteresse tegen bij agenten. In die tijd bestaat een strikte scheiding tussen gemeente- en rijkspolitie. Deze laatste was verantwoordelijk voor Texel. Uit correspondentie laat Toos zien dat het letterlijk twee andere werelden waren. Jaap van Hoewijk is documentairemaker. Zijn films gaan veelal over misdaad, straf en de dood. Nadat hij Toos heeft ontmoet raakt hij gefascineerd door de verdwijning van haar broer. “Dit is zo’n intrigerende zaak die me niet loslaat.”

De documentaire schetst een onthutsend beeld van de werkwijze van de politie. Ook hij merkt hoe eenheden langs elkaar heen werkten, getuigen niet werden bevraagd en dat delen werkten uit het dossier waren verdwenen. Dat de politie destijds niet geïnteresseerd was in Piets verdwijning doet nog steeds een woede in hem opkomen. “Zo onprofessioneel. Het gaat wel om een mens.”

Eufemisme

Pas na zijn indrukwekkende documentaire “Piet is weg’  zien we enige beweging bij de politie en krijgt Toos twee rechercheurs als contactpersoon toegewezen. Onomwonden geeft het hoofd van de regionale recherche in Noord-Holland toe dat de verdwijning destijds niet goed is ingeschat. Een eufemisme voor deze misser van de bovenste plank, zegt Toos. “Overigens heeft het opnieuw gestarte onderzoek tot op de dag niets opgeleverd.” Of ze er nog vertrouwen in heeft? Haar blik zegt genoeg.

“Wist Piet teveel?”

Zachtjes vertelt Jaap: “Dat Piet vreemd gedrag op de boot vertoonde staat als een paal boven water. Was dat omdat hij geen kaartje had? Hij is nerveus en loopt gehaast weg als hij van de boot afspringt. Piet is volgens getuigen niet aanspreekbaar. Dat is niets voor hem. Later die dag treft een Texelse restauranthouder hem aan op een parkeerplaats. Daar zit hij dan: bang, nat en zijn haar in de war.” Piet vertelt de man het vreemde verhaal dat hij wordt achtervolgd. Deze brengt hem vervolgens een eindje met de auto naar een nabijgelegen kruispunt. En ’s nachts vind dat homostel hem dus in hun huis. Na anderhalf uur zetten ze hem op straat. Dat is op zijn zachtst gezegd raar.

Scenario’s

Was hij door het einde van zijn relatie en zijn probleem op het werk zo verward dat hij zelfmoord pleegde? En door de golven werd verzwolgen? Of overkwam hem een ongeluk?

Het blijft een volslagen raadsel. Toos benadrukt dat ze niet uit is op wraak. Als er sprake is van een misdrijf is het bovendien verjaard. “Zijn verdwijning blijft aan me knagen. Het went nooit. Ik wil gewoon weten wat er met Piet is gebeurd en dan de zaak eindelijk afsluiten.” Op 19 maart dit jaar zou Piet 59 jaar zijn geworden. Maar hij blijft voor altijd jong. De Gaykrant blijft deze opzienbarende zaak op de voet volgen.

Politie
Als je Piet hebt gekend, meer weet over zijn leven en misschien een tip hebt laat het dan weten. Dat kan via de website www.pietbeentjesvermist.nl of via paulerikhofman@planet.nl. Toos staat open voor een vertrouwelijk gesprek. Liever anoniem? Bel dan met Meldpunt Misdaad Anoniem 0800 – 7000. 

Meer weten? Kijk dan hier voor de film. Een extra scene, gedraaid één dag voor uitzending, bekijk je hier.

* De namen Cees en Detlev zijn uit privacy-overwegingen gefingeerde namen. De echte namen van betrokkenen zijn bij de redactie bekend.


Dagelijks krijgt de politie gemiddeld 50 meldingen van vermissing per dag. De meeste vermisten zijn binnen enkele dagen of binnen enkele uren terecht. Momenteel staan in Nederland 1500 (naoorlogse) langdurig vermisten geregistreerd.


 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.