Haat-liefdeverhouding met liefde

Ik heb een haat-liefdeverhouding met liefde. Een vreemde die je hart steelt en jij de zijne. Hopend voor altijd de eigenaar te mogen zijn. Je eetlust neemt langzaam af, je hoofd danst in roze wolken. Ik voel me als een verslaafde: het enige wat ik wil is meer.

Meer gesprekken, hem meer zien. Langzaam in zijn hoofd kruipen en versmelten tot een goudklompje. Inmiddels weet ik dat het niet zo werkt. Het is een spel van afstand en verlangen. Meer afstand is meer verlangen. Je kan dus maar beter niet te dichtbij komen.

Na een goede, maar ingewikkelde relatie van bijna twee jaar gingen we uit elkaar. Sinds drie maanden ben ik vrijgezel. En ook dat bevalt niet. Tegen mijn vrienden zeg ik altijd dat ik het liefst een heteroseksuele relatie wil met een man. Alsof dat niet ingewikkeld is.

Een liefdesjunk wil altijd meer. Tot het moment dat de liefde nee zegt. Halt roept. De onzekerheid vergroot en de junk nóg meer wil. Het afkicken is voor hem zwaarder dan voor altijd een liefdesjunk te zijn.

Drugs kan tegen een junk geen nee zeggen, liefde wel. Het is de oorsprong van mijn haat-liefdeverhouding. De romanticus in mij durft te dromen over een liefde die geen nee wíl zeggen. Om te versmelten tot een blinkende gouden massa.

Pepijn schrijft ieder weekend een column voor de Gaykrant. Lees hier zijn column van vorige week: Rake klappen.

 

One thought on “Haat-liefdeverhouding met liefde

  1. Floris schreef:

    Wauw ik voel me precieeesss hetzelfde!! Ziek..

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.