Emancipatie kost tijd

De herverschijning van de Gaykrant in digitale vorm is een prima idee!  Dit is een mogelijkheid om recht te doen aan de geschiedenis van de homo-emancipatie. Deze is zeer de moeite waard, maar er is weinig van bekend.  Bovendien kan kennis van deze geschiedenis ons opnieuw sterken in een strijd waarin weliswaar veel is bereikt, maar die nog lang niet is gestreden. Daarom schreef ik o.a Homo Politicus (Balans 2016).

Veertien dagen geleden was er een bericht over een gevonden dossier waaruit blijkt dat homo’s in Amsterdam in de jaren vijftig een baan bij de gemeente wel konden vergeten. Soms zelfs als het niet henzelf betrof, maar iemand uit hun omgeving. Van de lijst met namen van 1500 sollicitanten hadden er 225 geen baan gekregen op grond van het oordeel van de ‘Beoordelings-commissie Zedelijk Gedrag Gemeentepersoneel’. Een dramatisch percentage zou ik zeggen! Het geeft aan hoe vèr de discriminatie ging.

Hier en daar was er verbazing. Volkomen ten onrechte. Het was ook  een grauwe, ellendige tijd van verstikkende onderdrukking. In 1949 hadden meer homo’s met strafvervolging te maken dan in de oorlog. Pas in 1971 werd artikel 248bis van het Wetboek van Strafrecht opgeheven op grond waarvan seks tussen een meerderjarige en minderjarige partner van gelijk geslacht strafbaar was. Zo ben ik zes weken strafbaar geweest omdat mijn toenmalige vriendje zes weken later eenentwintig werd. Nog tot 1973 werd het COC rechtspersoonlijkheid onthouden, met smoesjes bijvoorbeeld dat dit nodig zou zijn  ter beveiliging van het huwelijk.

Het COC wil nader onderzoek naar de rol van de overheid tegenover homoseksuelen. Terecht! Toch zag ik op internet ook wat minder positieve reacties hierop. De emancipatie zou verwezenlijkt zijn zodat zo’n onderzoek achterhaald heette. Op naar de toekomst.  Dat is echter een vergissing. De juridische beëindiging van discriminatie is een voorwaarde voor emancipatie. Maar hiermee is niet alles gezegd. De discriminatie is ook cultureel en psychologisch ingedaald (en vice versa) en moet dus ook cultureel en psychologisch worden overwonnen. Niet voor niets is HOMO nog het populairste scheldwoord op het schoolplein en het voetbalveld, Is de suïcidescore onder jonge homo’s nog bijna vijf maal zo hoog dan onder jonge hetero’s en zien nog te veel jongeren er als een berg tegen op om uit de kast te komen. In het bestuur van Het Blauwe Fonds (fondsvorming homo-emancipatie) lopen we aan tegen de problemen die hieruit  voortvloeien.

Ik vraag me af,  als we zo graag als homo’s en lesbiënnes beklemtonen dat we o zo normaal zijn, als we onze emancipatiegeschiedens bagatelliseren, maar als we tegelijkertijd op straat niet hand in hand durven lopen met ons lief, of we dan eigenlijk wel al aan een basaal zelfrespect toe zijn?

Coos Huijsen

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *