Decentrale transgenderzorg: eerste stappen zijn gezet

Twee jaar lang was Gaykrant ambassadeur en transvrouw Eveline van den Boom voorzitter bij Transvisie, een patiëntenorganisatie die zich inzet voor voor transgenders, mensen met vragen rondom hun genderidentiteit en hun naasten. In die tijd heeft ze vooral gestreden voor het openstellen van de zorgmarkt voor transgenders, waardoor er meer partijen konden toetreden. Ze draagt het stokje over aan Lisa van Ginneken, voorheen algemeen bestuurslid van Transvisie. Ze mag zich nu voorzitter noemen. Gaykrant sprak de dames samen na de officiële overdracht.

Door: Max de Valck

Eveline, hoe heb je de twee jaar bij Transvisie ervaren?

Eveline: ‘In twee jaar hebben we best veel kunnen doen. Op het gebied van zorg zijn er dingen op zijn plek gevallen. We zagen, zeker een paar jaar geleden, dat er een enorme monopolie positie heerste voor het VU Medisch Centrum in Amsterdam, dat een groot deel van de behandelingen doet. Weinig partijen van buitenaf konden in die markt toetreden. Nu zie je dat steeds meer partijen de stap durven zetten en die zorg ook aanbieden. Dus ook psychologische begeleiding en het verlenen van hormoonbehandelingen.’

‘Wat nog wel op mijn verlanglijst staat is dat er meer partijen komen die ook operaties gaan doen. Daarin zien we we stappen; we zien dat het momentum aan het veranderen is de laatste jaren. Dat er meer bekendheid komt over het onderwerp, dat ook de gewone bevolking weet wat transgender is en wat de wensen zijn in een transitie. Dat er ook steeds meer oog komt voor de wensen van de patiënt daarin. Met name daar is een hele ontwikkeling gaande nu. Het wordt meer maatwerk. Er is een emancipatieslag gestart en die is aan het doorzetten.’

Een van je doelen was om de transgenderzorg te verbeteren. In hoeverre is dit gelukt?

Eveline: ‘Er is nog een hoop aan te doen, maar ik denk dat er nu al een hele boel in gang is gezet. Toen ik binnen kwam, toen ik zelf aan mijn transitie begon, trof ik iets aan waarvan ik zei: ‘Dit wil ik beter achterlaten, dan dat ik het gevonden heb.’ Ik een keer kom je in een soort traject terecht, waar je zelf geen controle of grip over hebt. Dan word je eindeloos aan het lijntje gehouden; er zijn enorme wachtlijsten en daar zit een stukje macht in van zorgaanbieders, wat echt moet veranderen.’

Lisa: ‘De knelpunten die Evelien net benoemt, staan heel duidelijk op de agenda. In het verleden was er sprake van een schaars aanbod van alleen het VU als belangrijkste zorgverlener en het UMCG als tweede partij. Zij deden samen zo ongeveer alle zorg. Nu zie je dat er meer partijen zijn die die zorg willen gaan invullen. Daar zijn mooie eerste stappen gezet. Ik wil me ervoor inzetten dat dit een gemeengoed gaat worden. Dat er in de buurt van elke transgender die zorg nodig heeft, ook zorgverleners zijn. Vooral op het gebied van psychologie en endocrinologie, de hormoonbehandeling. Het is fijn om keuzevrijheid te hebben en meer maatwerk. Nu is het zaak om dat om te zetten tot concrete, praktische oplossingen die ook echt werken en waar patiënten ook daadwerkelijk het verschil in gaan merken. Je ziet nog steeds dat het VU 85% procent van alle behandelingen doet. Dus van decentrale zorg die dicht bij de patiënt zit is nog geen sprake.’

Wat voor uitdagingen staan je te wachten?

Lisa: ‘Het zal nog een hele kluif worden om het hele zorgsysteem, met verzekeraars, traditionele zorgverleners en nieuwe partijen in beweging te houden om ook écht betere, verspreide zorg op maat te gaan bieden aan transgenders. Daar zijn we nog lang niet. Daarnaast zie ik dat niet alleen de zorgverleners zijn overstelpt met vragen door de toenemende bekendheid van transgenders, dat geldt ook voor Transvisie. Naast dat wij ons bezighouden met het proberen te verbeteren van de zorg, organiseren wij ook lotgenotencontact en geven informatie aan transgenders wat ze kunnen verwachten met zorg en andere onderwerpen. We zien dat ook onze organisatie merkbaar zwaarder belast wordt. Er is een toestroom van transgenders die lotgenotencontact willen, die vragen hebben en ook omdat we onszelf en de onderwerpen zo op de agenda hebben gezet, zien we dat er meer aan ons getrokken wordt op het gebied van die collectieve belangenbehartiging. Ik zie als uitdaging om Transvisie klaar te maken om het professionele niveau van handelen waar te maken.’

Lisa van Ginneken en Eveline van den Boom

Eveline, wat wil je Lisa meegeven?

Eveline: ‘Allereerst die enorme uitdaging natuurlijk. Probeer dat in goede banen te leiden, want het gaat anders een enorm probleem worden. Het is moeilijk om mensen actief te betrekken om een steentje bij te dragen om bijvoorbeeld mee te werken in de gespreksgroepen om ervaringen te delen. Wat heel belangrijk is voor transgenders, zeker in het begin. Als uitdaging is ook om de onderlinge verdraagzaamheid binnen het LHBT-spectrum goed op de agenda te zetten. We zien bijvoorbeeld dat transgenders nog weleens werden weggekeken in een COC, dat werd niet begrepen. Ook binnen de transgendergroep zie je wrijving ontstaan, kijk naar genderneutraliteit. Waar de meningen heel erg over verdeeld zijn. Aan de ene kant heb je een groep mensen die denkt: ‘Ik heb keihard gewerkt aan mijn transitie om te vervrouwelijken of te vermannelijken. Ik wil nu een vrouwtje of mannetje zijn en dat pak je me niet af.’ Om die kluit bij elkaar te houden, daar hebben we ook een enorme uitdaging. We moeten begrip hebben voor elkaars gevoelens daarin.’

Lisa: ‘Wat ik daarin leuk vind is dat die hele discussie over genderneutraal werken, denken en aanspreken, niet alleen onder transgenders wordt gevoerd, maar juist onder de hele maatschappij. De HEMA heeft de labels jongetje-meisje uit de kinderkleding gehaald. Dat hebben ze niet voor de transgenders gedaan, dat hebben ze gedaan omdat ze merken dat in de maatschappij dat hele strikte man-vrouw denken veel mensen knelt. Ook voor heel veel mensen die zich geen transgender noemen en dat ook nooit zullen gaan doen, maar die de vrijheid willen hebben om zelf een keuze te maken over hoe ze in het leven staan. Die ontwikkelingen versterken elkaar.’

In hoeverre worden transgenders volgens jullie geaccepteerd in onze huidige maatschappij?

Lisa: ‘Acceptatie is niet zo van: het is er wel of niet, er zijn gradaties. Wat je ziet is dat iedereen in Nederland het woord transgender kent, dat is winst; het is iets wat bestaat. Wat je ook ziet is dat heel veel mensen een beeld hebben over wat transgender zijn inhoudt, wat niet aansluit bij de werkelijkheid. Dat zorgt er wel voor dat het voor transgenders, dat blijkt uit onderzoek, gemiddeld genomen lastiger is om een relatie en een baan te krijgen. Dus om nu te zeggen dat transgenders helemaal opgaan in de maatschappij, zover zijn we nog niet, maar er de laatste jaren gelukkig wel belangrijke stappen gezet.’

In hoeverre voelen transgenders zich thuis binnen de LHBT-community?

Eveline: ‘Ik denk veel niet. Als je bijvoorbeeld bij Transvisie kijkt. Daar hebben we een flinke groep kinderen die al voor de puberteit beginnen met remmers, waarbij na de transitie geen sporen meer te zien zijn. Die verder een volstrekt normaal leven leiden en vaak heteroseksueel zijn. Die hebben niet per se iets te zoeken in de LHBT-community. Die willen een zo normaal mogelijk leven hebben en die voelen zich daar niet in thuis. Een hele grote groep zal zich er daarentegen wel in thuis voelen, omdat ze daarnaast ook gay zijn.’

‘Ik denk ook dat de homo-emancipatie dertig jaar vooruitloopt op die van ons. Dertig jaar geldeden ging je naar een psychiater als je een man was die op mannen viel, omdat het als een stoornis werd gezien. Wij zitten ook in die hoek. Gay is op een bepaalde manier mainstream geworden: met trouwen, met een normaal, burgerlijk leven kunnen leiden. Er wordt soms een beetje neergekeken op transgenders. Gays hebben al bepaalde verworvenheden bereikt, waar wij nog voor moeten knokken. Dat heeft ook van alles te maken met zichtbaarheid, daarom sta ik ook niet te juichen als mensen naar een succesvolle transitie incognito gaan. Hoe komt de generatie na jou dan aan zijn voorbeelden? Ik verwacht niet dat iedereen zich als een voorbeeld opstelt, want dat moet ook een keus zijn. Maar het zou wel fijn zijn als er voorbeelden blijven opstaan en de weg vrijmaken voor de rest.’

Verstoppen veel transgenders zich na de operatie?

Eveline: ‘Dat is toch je doel vaak. Je wenst een leven als vrouw, dan wil je niet gezien worden bij de bakker om de hoek als die transgender. Dan ben je gewoon die vrouw. Dan is soms de neiging om het niemand te vertellen; om te verhuizen, een andere baan te zoeken en er nooit meer over te beginnen.’

Lisa: ‘Als mensen in mijn omgeving voor het eerst horen dat ik transgender ben, reageren ze vaak als: ‘Goh, je bent de eerste transgender die ik ken.’ Dan voeg ik er altijd aan toe: ‘Voor zover je zelf weet.’ Er zijn best veel transgenders die niet zodanig herkenbaar willen zijn, dus misschien ken je veel meer transgenders dan je denkt. Ik wil vooral de boodschap geven: zo vreemd zijn we niet. We komen best veel voor, alleen niet iedereen komt daarvoor uit en is daar zo zichtbaar in. Dat is iets wat veel mensen zich niet realiseren; het is niet zo exotisch als dat sommige mensen denken.’

Is er de laatste tijd sprake van een stijging van het aantal geslachtsoperaties?

Eveline: ‘Het gebeurt zelfs minder. We zagen in een onderzoek naar transgenderzorg dat het percentage door de jaren heen wat aan het zakken is. Er zou meer onderzoek gedaan moeten worden om dat echt te bevestigen; het gaat om hele kleine aantallen. Mensen bedenken zich toch vaker voordat ze de grote eindoperatie gaan doen. Dus de genitale operatie, wordt toch vaker facultatief. Dat er wordt nagedacht of je het echt nodig hebt, is een gezonde ontwikkeling. Niemand kijkt bij jou in je broek. Als je partner er oké mee is en je bent er zelf oké mee, dan kan je het gewoon laten zoals het is.’

Lisa: ‘Wat belangrijk is, is dat transgenders zich realiseren dat zij zelf een keuze hebben. Dat het geen one-size-fits-all behandeling is. Die ontwikkeling is nog wel pril; die mag veel verder ingezet worden. Je mag zelf kiezen wat je zelf nodig hebt op de manier die bij jou past. Misschien wil je wel een hormoonbehandeling, maar geen genitale operatie. Het gaat erom dat mensen zelf een keuze kunnen maken. Je ziet een toename in zorgvraag, maar de variatie wordt veel groter. De huidige grote zorgverleners spelen daar nog onvoldoende op in. Ik denk dat we eraan toe zijn om gezamenlijk nieuwe ervaringen op te doen, met elkaar gezamenlijk afspraken maken over de samenwerking die tussen verschillende zorgverleners moet plaatsvinden. Dus we moeten nu de mouwen opstropen en aan de slag, met concrete afspraken, concrete samenwerking en concrete uitwisseling van kennis en ervaring.’

 

2 thoughts on “Decentrale transgenderzorg: eerste stappen zijn gezet

  1. Van Tol schreef:

    Genderzorg kan echt beter. M’n huisarts kon me laatst niet eens helpen omdat z’n kennisgebied niet meer toereikend was bij iemand als ik. Woon in Groningen maar kan niet eens geholpen worden in mn eigen stad zonder door hun processen heen te gaan dus ben ik compleet toegewezen op het VUmc. En die rollen gewoon hun standaardproces. Maar je moet wel als je srs wil. Voel me soms minder dan een mens door de rigide houding van de medische kant. Kan niet wachten om eens klaar te zijn met dit langdradige proces. Wat me ook tegenstaat is een zeer gebrekkige kennis van de psychische invloed van de medicatie en de laconieke houding erover.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.